We zochten zes maakbedrijven uit de regio Genk-Hasselt met een concrete ontwerpuitdaging. We kregen meer dan dubbel zoveel relevante aanmeldingen. Van aluminium, beton en natuursteen tot hout, kunststof en organische reststromen: achter bijna iedere bedrijfspoort bleek wel een vraag te liggen waar een ontwerper iets aan kan toevoegen.
We bezochten de bedrijven om die vragen beter te begrijpen. Want een interessante reststroom alleen maakt nog geen goed ontwerptraject. De jury keek ook naar de ruimte om te experimenteren, de mogelijkheden om te prototypen en vooral naar de bereidheid om een jonge ontwerper toegang te geven tot het bedrijf, de machines en de opgebouwde kennis.
Opvallend: die openheid was groot. Veel ondernemers zoeken expliciet naar die frisse, onbevangen blik van iemand die hun materiaal of proces nog niet jarenlang kent.
Die bereidheid staat in contrast met iets anders dat tijdens de jury duidelijk werd: maakbedrijven en jonge ontwerpers vinden elkaar vandaag nog zelden vanzelf. Ze bewegen in verschillende netwerken, spreken soms een andere taal en weten niet altijd wat ze voor elkaar kunnen betekenen. Terwijl de open call net liet zien dat de interesse er aan beide kanten wél is.
TransFormMaker brengt die twee werelden samen en voegt daar de ervaring van een gevestigde ontwerper aan toe. Die neemt een coachende rol op en helpt om het vrije, onbevangen denken van een jonge ontwerper te verbinden met de technische en economische realiteit van een maakbedrijf. Zo krijgt experiment de ruimte, zonder haalbaarheid en toepasbaarheid uit het oog te verliezen.
De ontwerpvragen die we tegenkwamen, laten zich grofweg in drie richtingen lezen. Reststromen valoriseren: kan materiaal dat vandaag wordt afgevoerd opnieuw een hoogwaardige grondstof worden? Hercontextualiseren: kan een bestaande techniek, materiaal of productiesysteem een toepassing krijgen in een heel andere context of markt? En nieuwe producten of systemen ontwikkelen: kan een concrete vraag uit het bedrijf het vertrekpunt worden voor een oplossing die ook elders relevant is?
Daarbij gaat de mogelijke impact verder dan één nieuw product. Als een reststroom niet langer moet worden afgevoerd, levert dat een bedrijf bijvoorbeeld al een financieel voordeel op. Maar interessanter wordt het wanneer er nieuwe verbindingen ontstaan: kan de reststroom van het ene lokale bedrijf een grondstof zijn voor een ander? Kunnen we materialen, kennis en productie dichter bij elkaar brengen, in plaats van onderdelen of producten van ver te laten komen?
Dat maakt het scherpstellen van de ontwerpvraag een belangrijke eerste stap. Wat willen we precies onderzoeken? Welke verandering kan betekenisvol zijn? En wat zou aan het einde van het traject een relevante uitkomst zijn?
Er is plaats voor zes bedrijven, maar de andere vragen verdwijnen niet in een lade. Samen met onze partners bekijken we hoe we bedrijven betrokken kunnen houden via toekomstige Design Safari’s, ons ontwerpersnetwerk of mogelijke vervolgtrajecten.
De open call maakte vooral één ding duidelijk: aan ontwerpvragen én aan de bereidheid om samen met ontwerpers te experimenteren, is binnen de lokale maakindustrie geen gebrek.